Amsterdam UMC doet onderzoek naar het effect van ons fotografieproject op het mentale welzijn van de deelnemers.

In september 2020 is drs. Zoë Bood, promovenda in het Amsterdam UMC onder leiding van professor dr. Hanneke van Laarhoven, van start gegaan met een onderzoek naar de effecten van ons fotografieproject op het mentale welzijn van de deelnemers.

In september 2020 is drs. Zoë Bood, promovenda in het Amsterdam UMC onder leiding van professor dr. Hanneke van Laarhoven, van start gegaan met een onderzoek naar de effecten van ons fotografieproject op het mentale welzijn van de deelnemers. In totaal doen twaalf jongvolwassenen met kanker – ook wel AYA’s genoemd - mee aan dit onderzoek. Zeven van hen zijn deelnemer aan het fotografieproject. De andere vijf AYA’s hadden zich wel opgegeven voor het project maar vielen vanwege de grote hoeveelheid aanmeldingen helaas buiten de boot. Gelukkig waren zij desalniettemin bereid mee te doen aan dit wetenschappelijk onderzoek.

Deze groep van vijf is de controlegroep die vergeleken gaat worden met de groep van zeven die wel meedoen aan het fotografieproject. Aan het eind van het project wordt er gekeken of er een verschil is in welzijn tussen beide groepen. Iedere deelnemer aan het onderzoek heeft twee gesprekken met Zoë; tussen het eerste en tweede gesprek zitten steeds twee tot drie maanden. Voor degenen die meedoen aan het fotografieproject vindt het eerste gesprek plaats een aantal dagen voordat zij met de fotograaf aan de slag gaan. Tijdens ronde één van de gesprekken vullen de deelnemers eerste een korte vragenlijst in over hun mentale en lichamelijke welzijn. Daarna krijgen zij de opdracht een tekening te maken die laat zien hoe zij het ervaren om met kanker te leven en hoe zij op dit moment in het leven staan. Geen makkelijke opdracht, maar er ontstaan uiteindelijk altijd interessante tekeningen, zo is de ervaring. De eerste serie gesprekken is inmiddels achter de rug. Aanvankelijk vonden die gesprekken plaats bij de deelnemers thuis, maar helaas gooide COVID-19 roet in het eten en moest Zoë overgaan op beeldbellen. Gelukkig werkt dit boven verwachting goed. Op dit moment loopt de tweede ronde gesprekken.  Over een maand of twee maanden Zoë denkt alle gesprekken te hebben afgerond en volgt de derde fase: het analyseren van de vragenlijsten en tekeningen. We zijn heel benieuwd wat het onderzoek oplevert en houden je op de hoogte. Dank, Zoë voor je belangrijke werk!